Column: "De gebakken peren van Aalsmeer"

Op radioaalsmeer.nl verschijnt iedere zondag een nieuwe column geschreven door en voor een Aalsmeerder of Kudelstaarter. Deze week is aan de beurt Anna-Maria Giannattasio. Haar negende column bij Radio Aalsmeer is getiteld: “De gebakken peren van Aalsmeer

Er zijn van die dagen waarop je merkt dat de zomer zijn koffer aan het pakken is. Niet omdat iemand het zegt. Nee, je voelt het gewoon. De avond valt ineens op een tijdstip waarop je gisteren nog dacht: we kunnen best nog even buiten zitten. En voor je het weet zit je om half negen met een vest aan naar een donker wordende tuin te kijken. Of je kijkt naar je mobiel op Netflix. Maar je snapt wat ik bedoel.

De nachten worden langer. De avonden korter. De stemming verandert mee. Herfst! En dan begint het weer. Speculaas. De roe. De eerste pepernoten die veel te vroeg in de Action lagen en waar je aanvankelijk in de war van was. Hoezo nu al!  Om ze vervolgens toch mee naar huis te nemen.

Tradities. We zijn er dol op. Vooral als ze al zo lang bestaan dat niemand meer precies weet waarom we ze eigenlijk doen.

Dat geldt in Aalsmeer misschien wel meer dan waar ook. Neem de Feestweek. Pakweg honderd jaar geleden brachten de buurters hun peertjes naar de plaatselijke bakker. Die werden gestoofd en vervolgens at heel Aalsmeer gestoofde peren.

Dat was het feest. Nu zorgen we tijdens de Feestweek vooral dat we weten wie de Bob is. Ook traditie.  Want wie niet op tijd weet wanneer hij de Bob is, kan zomaar met de gebakken peren zitten.

En zo schuiven tradities met de tijd mee.

Afgelopen vrijdag had ik zo’n  moment waarop ik ineens besefte dat Aalsmeer een extra bijzondere heeft. In het gemeentehuis werd het Pramenrace Museum geopend. De Dippers deden dat. En eerlijk gezegd: het was fantastisch.

Het was precies zoals ik hoopte. Er stond een boot met peurende poppetjes (klinkt lekker hé?). Er waren bokalen, Penta’s, vlaggen en foto’s waarop Aalsmeerders stonden die ooit besloten hadden dat een normale zaterdagmiddag blijkbaar niet voldoende was.

En natuurlijk hingen sommige vlaggen verkeerd om.
Dat was geen vergissing.
Dat was kunst.
Of beter: Aalsmeerse kunst.
Gewoon verkeerd hangen, zodat er altijd iemand komt mopperen.
En dan weet je: het is goed.

Maar wat het museum vooral zo mooi maakte, was de humor.
En de trots.

De Dippers werden door de burgemeester nog eens flink in het zonnetje gezet. Onze geweldige burgemeester Gido memoreerde hoe de toenmalige Illegale Peurders ooit door burgemeester Hoffscholte min of meer legaal werden verklaard. Maar nu we veertig jaar Pramenrace vieren, vond hij het hoog tijd om de zaak weer eens recht te zetten.

De Dippers zijn vanaf nu weer illegaal dus. Eindelijk weer een beetje chaos in de orde. Het voelde vertrouwd aan. De zaal was vol en de glazen voller. Ik keek ondertussen naar de jonge generatie. Koen. Arthur. Henk-Jan. En al die andere jonge pramenracers.
Ze stonden daar tussen de mannen en vrouwen die ooit begonnen zijn met iets waarvan niemand kon vermoeden dat het veertig jaar later nog zo’n enorme betekenis zou hebben.
En toen wist ik het.

De Pramenrace blijft.

Niet omdat de oprichters eeuwig blijven. Dat doet niemand.
Niet omdat de boten hetzelfde blijven. Dat doen ze al helemaal niet.
En ook niet omdat Aalsmeer zo verschrikkelijk goed is in het bewaren van zijn verleden.
Nee.

De Pramenrace blijft omdat jonge mensen hem oppakken.

Omdat de jonkies hun eigen verhalen toevoegen aan de oude.
Omdat ze de bokalen bewonderen, maar ondertussen alweer nadenken over hun eigen boot.
Omdat ze kijken naar die oude foto’s en denken: dat gaan wij ook doen.
Misschien iets harder.
Misschien iets gekker.
En waarschijnlijk met een vlag die ook weer verkeerd om hangt. Dat is het mooie van tradities.

Je bewaart ze niet door ze onder glas te zetten. Je bewaart ze door ze een beetje kapot te maken, erom te lachen en ze daarna weer opnieuw te beginnen. Over zestig  jaar staat er misschien weer een expositie.

100 jaar Pramenrace.

De bezoekers vergapen zich dan aan oude bokalen, een verweerde praam met peurende poppetjes, een verzameling Penta’s en foto’s van bontgekleurde Aalsmeerders. Misschien staat er ergens een vergeelde foto van Koen.
Of Arthur.
Of Henk-Jan.
En een kleinkind vraagt:
„Wie waren dat?”
En opa zegt: „Dat waren de jongens van vroeger.”
En dan loopt hij door. Want dat is geschiedenis.

Of zoals ik het liever noem: 100 jaar geSpiedenis. Met een kleine g.
Want in Aalsmeer schrijven we onze geschiedenis niet alleen met jaartallen.
We schrijven haar met pramen, peren, feestweken, bokalen, verhalen, ruzietjes, humor en heel veel mensen die dachten dat het een goed idee was. En misschien is dat wel het geheim.
De seizoenen wisselen. De avonden worden korter. De nachten langer. De mensen veranderen.
Maar sommige dingen krijg je er met geen mogelijkheid uit.
Gelukkig maar.

De Pramenrace blijft.

Ook als wij straks geschiedenis zijn.

Anna Maria Giannattasio

Anna Maria Giannattasio is zo iemand die een ruimte binnenloopt en meteen mensen met elkaar in gesprek krijgt. In Aalsmeer verbindt ze creativiteit aan mensen, plannen en kansen, zonder gedoe, gewoon Puur en nooit saai. Met flair, energie en een aanstekelijke nieuwsgierigheid brengt ze ondernemers, makers en bewoners samen. Passie voor Radio Aalsmeer en dol op het Poelgevoel. 

Gepubliceerd: 6 september 2026 om 9:00 uur, geschreven door Elbert Huijts

Studio
De Oude Veiling
Marktstraat 19
1431 BD Aalsmeer

Telefoon
0297 - 325858
E-mail
info@radioaalsmeer.nl

×